01 april - 31 oktober
ma -
di 13.00 - 17.00
woe 13.00 - 17.00
do 13.00 - 17.00
vr 13.00 - 17.00
za 13.00 - 17.00
zo 13.00 - 17.00
01 november - 31 maart
ma -
di 13.00 - 16.00
woe 13.00 - 16.00
do 13.00 - 16.00
vr 13.00 - 16.00
za 13.00 - 16.00
zo 13.00 - 16.00
+32 15 29 76 57 - groepen@mechelen.be
Aan het einde van de steile straat ’t Plein ligt de Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk. Zij werd gedurende de 14de, 15de en 16de eeuw gebouwd in Brabantse gotiek ter vervanging van de oudste parochiekerk van Mechelen.
Het rijke interieur van de kerk werd deels gefinancierd door de ambachten en gilden die hier vroeger elk hun eigen altaar hadden, getooid met werken die het prestige van de gilde of het ambacht vertegenwoordigden. De triptiek van de visverkopers geschilderd door Rubens en het Sint-Antoniusdrieluik van Michiel II Coxie zijn daar nog restanten van.
Ook de stukken die niet gebonden zijn aan de gilden of ambachten mogen zeker gezien worden. Zo zijn er onder andere de sacramentstoren, het barokke hoogaltaar met het Laatste Avondmaal van Jan Erasmus Quellinus, de 16de-eeuwse muurschildering met het evangelieverhaal van de verloren zoon, het orgel en de preekstoel.
Ondanks de kunstschatten die hier tot op heden bewaard zijn gebleven, is de kerk nog maar een schim van wat ze ooit geweest was. Vooral in de 20ste eeuw hebben de vernielingen, onder andere tijdens beide wereldoorlogen, hun tol geëist, met een enorme inkrimping van het kerkelijk erfgoed tot gevolg.
Door die verloren rijkdom ontstaat weliswaar een gevoel van ruimte dat je overvalt bij het binnentreden. Het lichtspel, gecreëerd door de glasramen uit de jaren 1960, versterkt dit gevoel van tijdeloosheid alleen maar.
De Onze-Lieve-Vrouw-over-de-Dijlekerk wordt samen met de andere 7 historische kerken in Mechelen beheerd door Torens aan de Dijle vzw in samenwerking met de stad Mechelen.
Sinds 1619 hangt ‘De wonderbare visvangst’ van Rubens in de kerk, een barok veelluik gemaakt voor voor het altaar van de Mechelse visverkopers. In 1794 werd het tijdens de Franse bezetting naar Parijs gebracht. Het bovenste drieluik keerde terug in 1816, maar van de predella bleven twee delen in Frankrijk. Het middelste stuk gold lang als verloren tot Jo Haazen het in 2008 herkende in Nizjni Novgorod, waar het werd uitgeleend door de Hermitage.
Het orgel, gebouwd in de jaren 1958–1968 met oud materiaal, staat in de gerestaureerde kast uit 1669 en wordt bespeeld door Wannes Vanderhoeven. De beiaard, gerealiseerd door Staf Nees, dateert van 1965 (behalve vijf luidklokken 1947–1962), telt 50 klokken met totaalgewicht 9.123 kg. Elke 1ste en 3de zaterdag om 11u bespeelt Dina Verheyden de beiaard; ’s zomers zijn er twee concerten.