01 april - 31 oktober
ma
di
woe
do
vr
za 10.00 - 17.00
zo 10.00 - 17.00
Dit doopvont diende om het doopwater in op te vangen. Het bestaat uit een voetstuk en een bak, beide vervaardigd uit zandsteen. De bak is achthoekig en vertoont noch versieringen, noch inscripties. Hij rust op een voetstuk in een andere stijl, dat waarschijnlijk uit de 15e of 16e eeuw dateert.
Dit beeldengroepje van gepolychromeerd eikenhout was bevestigd aan de zuidelijke muur van het schip. Het werd op 20 december 1955 geklasseerd als historisch monument. Het raakte in 1973 licht beschadigd en werd in 1981 gerestaureerd. Het beeldhouwwerk verbeeldt de beroemde episode uit het leven van Sint-Maarten, het moment waarop de heilige, destijds legionair in de buurt van Amiens, zijn mantel deelt met een bedelaar. Dit beeldhouwwerk, dat symbool staat voor de volkskunst, werd in 2011 uit de kerk van Séricourt gestolen. Alleen de sporen van de bevestiging aan de muur zijn nog overgebleven.
La cloche de l'église est suspendue dans un petit campenard, nommé aussi clocher-mur, qui prolonge le pignon. Elle est abritée par un petit toit d'ardoise. Elle porte l'inscription suivante :
Le fondeur de cette cloche est issu de la famille Gorlier, une famille de fondeurs très actifs sur le Pas-de-Calais et originaires de Frévent.
À l'extérieur, sur le mur sud de la nef, on peut observer trois graffitis de soldats anglais passés par Séricourt en avril 1916. Ils ont laissé leurs noms : W. Dallenger, A. Webb et G. Woolmore ainsi que la référence à leur statut : ils appartenaient au Royal Engineer (régiment du génie).