01 juni - 31 juli
ma -
di 13.00 - 17.00
woe -
do -
vr -
za 13.00 - 17.00
zo 13.00 - 17.00
Dinsdag en zaterdag, na telefonische oproep (tel. nummer in het portaal).
+32 3 660 28 30
De oude kerk, vermeld in de 13de en 14de eeuw, werd in de 15de eeuw vervangen door de huidige. In 1422 startten de werken aan de toren, het schip volgde tussen 1436 en 1440 en in 1486 begon men aan het koor. Brand, godsdiensttroebelen en verbouwingen lieten hun sporen na. Vooral de Tweede Wereldoorlog was rampzalig: de toren werd volledig vernield en het middenschip grotendeels tot puin herleid. Restauratie volgde in 1948-49.
De kruisvormige basiliek verrees in “Kempische gotiek”. Het koor en de omgang zijn hoger uitgebouwd. Binnen tref je een bepleisterd en beschilderd interieur onder een houten tongewelf. Het Passieretabel is een kopie van het Antwerps retabel uit Hulsthout, met zijluiken gewijd aan Sint-Joris. Beelden uit de 17de en 18de eeuw, waaronder dat van Sint-Michaël (1764), verrijken het geheel. De eiken preekstoel stamt van ca. 1780, de biechtstoelen zijn neogotisch. Tegen het koor liggen grafstenen uit de 17de tot 19de eeuw.
Cultureel kreeg Brecht betekenis met de Latijnse school (1515), die uitgroeide tot centrum van het humanisme. Bekende alumni waren Gabriël Mudaeüs (rechtsgeleerde) en Leonardus Lessius (theoloog). Mudaeüs kreeg een standbeeld bij het neogotisch gemeentehuis (1860), Lessius een moderner beeld met zitbank aan de kerk.
De bloei was kort: tijdens de troebelen (1575-84) werd het dorp door Spaanse troepen geplunderd en verwoest. Brecht bleef lang onbewoond en kende pas in de 18de-19de eeuw een heropleving.
Geschiedenis Brecht
Info kerk en wandel- en fietsroutes in de buurt
Het Heilige Kruisaltaar in de rechter kruisbeuk werd tussen 1900-1903 gemaakt door Jan Gerrits. Het altaar bevat een gotisch retabel met zijluiken van ca. 1490, geschilderd door Goeswijn van der Weyden. Binnen tonen ze scènes uit de Sint-Jorislegende en waren oorspronkelijk voor het Sint-Jorisaltaar. De Sint-Jorisgilde, actief sinds de 14de eeuw, liet dit altaar maken. Hun wapen is de voetboog; om de drie jaar kronen zij een koning via de staande wip.